Inspiratie

“Waar gaat je leven over?”

Zodra je de kunst van het vragen stellen beoefent, ga je letten op goede interviewers. Theo van Gogh was zo iemand. Zijn vragen waren opvallend: hij ontlokte mensen verhalen die ze nog nooit eerder verteld hadden. Over zichzelf ook. Hoe deed hij dat?

Vraagzin.nl besteedde onlangs aandacht aan de manier van vragen stellen van Theo van Gogh: “Van Gogh was met name een meester in het stellen van persoonlijke vragen. Ondanks dat zijn vraaggesprekken in Van Gogh’s Zondag en Een Pittig Gesprek nooit lang duurden, wist hij toch vaak tot de kern van iemand door te dringen. Waarbij de geïnterviewde niet weg kwam met nietszeggend geklets of hypocrisie.”

“Dé vraag die Van Gogh typeert, is misschien wel de vraag Waar gaat je leven over?

In het gesprek van Theo van Gogh met Jeroen Pauw, waar Vraagzin.nl naar verwijst, (video), beantwoordt Pauw inderdaad binnen drie minuten de vraag: “Was je graag een vrouw geweest?” En binnen vijf minuten: “Waar gáát je leven over?”

En tot slot: “Is er nog een einddoel, behalve doodgaan?”

Lees hier het hele stuk op Vraagzin.nl

Welke vraag bracht jou ooit op een nieuwe gedachte over jezelf?

Geef je herinneringen weer kleur

“Jarenlang heb ik geleefd zonder aan vroeger te denken. Wanneer ik bij toeval in de geest vluchtig raakte aan het verleden, scheen me toe dat ik veel, het meeste vergeten was. Ik had een gevoel van spijt, van schaamte en weemoed ook omdat ik die eenmaal zo intens doorleefde werkelijkheid van het kind-zijn niet had weten vast te houden. Nu ik bewust zoek naar beelden van vroeger, word ik één met wat er opwelt uit mezelf, ben ik weer daar en toen, en alles is hetzelfde gebleven. Ieder ogenblik uit het verleden met de daaraan verbonden gewaarwordingen en ervaringen bestaat nog en is toegankelijk. Er is niets veranderd. Ik ben ouder geworden en het gebied dat mijn bewustzijn bestrijkt, heeft zich uitgebreid. Als volwassen mens houd ik mij, gezien de eisen van de wereld waarin ik leven moet, vanzelf of noodgedwongen op in bepaalde regionen. Het achterland verdween achter de horizon, maar het is bereikbaar gebleven. Het kind, het meisje dat ik geweest ben, leeft in mij. Het ‘ik’ heeft grotere expansiemogelijkheden, maar de samenstelling is niet veranderd.”

Hella Haasse, in: Zelfportret als legkaart in Het dieptelood van de herinnering, 2003, p. 35/36.

Wil jij ook weer kleur geven aan je herinneringen? Geef je dan op voor de een seizoensgroep Autobiografisch Schrijven. Zie hier voor meer informatie.

Pas als je een autobiograaf bent, kan je leven beginnen

Pas als wij autobiografen zijn, kan ons leven beginnen. Pas door afkeer van je verleden of nieuwsgierigheid naar je toekomst, word je autobiografisch. Pas dan kun je je leven in eigen hand nemen en je verantwoordelijk voelen — misschien niet volledig voor je verleden, maar wel voor je toekomst. […]

Autobiografie gaat van mij betreft niet over geschiedschrijving, maar over zelfwording. Als kind je heb je eerst alleen een fysiek contact met de wereld. Gaandeweg komt er een gedachteleven bij, dan kun je gaan beschouwen en interpreteren. […] Als je enkel die fysieke oriëntatie op de wereld houdt, word je niet iemand die zichzelf evalueert, bekijkt en overdenkt, en die zijn eigen biografie ter hand neemt. Pas als wij autobiografen zijn, kan ons leven beginnen.”

René Gude, in Altijd een vertekend beeld, door Marc van Dijk, Trouw 10 maart 2010, zoals geciteerd in Autobiografisch schrijven, van Willemijn Soer (2013, p. 26)

Zie ook: De filosofie van hard werken, door Marli Huijer, Trouw, 27 april 2015.

Wanneer ben je een autobiograaf?

Jezelf leren kennen: geen navelstaarderij

Filosoof Welmoed Vlieger vertelt in De Volkskrant over jonge mensen en burn-out. Mooi interview, lees hier.

We werken steeds meer met ons hoofd. Denkt u dat we daarom massaal aan mentale uitputting lijden?

“Nee. Het zijn vragen als: kan ik dit wel, wil ik dit wel of doe ik dit omdat anderen het van me verwachten? Dáár worden mensen moe van. Dat vraagt om zelfonderzoek: eerlijk jezelf onder ogen zien. Dat los je niet op met een weekendje Parijs.

En, dat vind ik belangrijk om te benadrukken, het is geen navelstaarderij. Want door jezelf te leren kennen – ook je donkere kanten – kan er ook ruimte ontstaan voor anderen. Je kunt je makkelijker verhouden tot anderen, hen accepteren zoals ze zijn.”

Wanneer ken je jezelf?

Boek van een biografisch coach

Biografisch coach Susanne Kruys schreef een boek over het inzetten van biografisch werk in de zorg. Daarvoor interviewde ze o.a. wetenschappers als Trudy Dehue, psychiaters Dirk de Wachter en Jim van Os en hoogleraar zorgethiek Carlo Leget. In de gesprekken die ze voor haar boek voerde, onderzocht Kruys hoe de thema’s in iemands leven tot zingeving kunnen leiden.

In een interview in NRC legt ze het verschil uit tussen je innerlijke en uiterlijke biografie:

“De uiterlijke gaat over: waar ben je opgegroeid, wat heb je gestudeerd, wat heb je voor werk gedaan, waar heb je gewoond, met wie woon je samen? De innerlijke gaat over dat wat jou zin geeft, wat jou in beweging brengt, wat je hogere waarden zijn.”

Beide breng je in kaart. Overzicht brengt vanzelf inzicht.. het wonder van biografisch werken. Ik ben blij dat zij met dit boek meer bekendheid geeft aan dit vak.

Susanne Kruys, De biografie als medicijn. De zin van levensverhalen in de zorg. (Lannoo Campus)

Zie het hele interview hier: NRC Grijp eens terug op iemands levensverhaal

Wat zijn jouw levensthema’s?

Wat had kunnen zijn

On Shedded Leaves

When grasses wild
swept wide my wintery moor
and cool winds
gathered upon the air,
an hour-glass faraway
with weary grains
drew out my clouded dreams
slipping ever faster
in the soft smoke of timely day.
And even as the leaves withered
I sought still
to gather thoughts
of what and when and might have been.

John Scully

Hoeveel niet-geleefde levens draag jij met je mee?

De zin van het leven

“In onze samenleving zijn we erg bezig met antwoorden, met problemen die moeten worden opgelost, met zaken onder controle krijgen. Maar soms gaat het juist om de vragen, zonder duidelijke antwoorden. Ik merk bij anderen soms ongeduld: heb je die duidelijke antwoorden nu nog niet? Nee! Ik ben al 46 jaar, maar ook pas 46. Als ik 80 ben heb ik meer gelaagdheid, meer rimpels, maar ook vast meer te vertellen. Al zullen we het nooit helemaal weten. Maar stel je voor dat we wel zouden weten wat de zin van het leven is? Het niet-weten is ook mooi, dan kun je leren.”

Claartje Kruijff (in gesprek met Fokke Obbema, Volkskrant 14 oktober 2018)

Waar vraag je eigenlijk naar als je vraagt naar ‘de zin van het leven’? 

Burn-out vraagt om een nieuw verhaal

In dit artikel in Trouw, stelde cultuurfilosoof Maarten Coolen (UvA) dat je een burn-out krijgt als je het verhaal over je eigen identiteit niet meer kunt volhouden.

“Bij een burn-out is iemand existentieel opgebrand. Als je tegenwoordig een identiteit wilt hebben, iemand wil zijn, moet je een verhaal hebben over jezelf. Onze identiteit heeft een narratief karakter gekregen: je moet je persoonlijke verhaal voortdurend updaten om te zorgen dat je interessant blijft voor andere mensen. Want alleen dan besta je. Mensen met een burn-out lukt het niet meer om dat verhaal in stand te houden. Dat leidt tot een gevoel van zinloosheid. Dat heeft niet alleen betrekking op werk, zoals vaak wordt gedacht: het hele leven heeft geen kleur meer. Het is niet zo dat bepaalde taken je te zwaar worden, het wordt je te zwaar om iemand te zijn.”

Vroeger werd je identiteit bepaald door de plaats waar je vandaan kwam, je plek in de gemeenschap en het werk wat je deed. Nu moet je het verhaal over wie je bent steeds vernieuwen en het moet aantrekkelijk zijn, voor anderen, maar ook voor jezelf. En wij leggen de lat hoog. Door het gevoel dat de concurrentie groot is en dat iedereen een beter verhaal heeft dan jij.

Als het te zwaar wordt, red je het niet om in je eentje een nieuw verhaal te vormen over je identiteit. De vraag ‘wie ben ik?’ moet je weliswaar zelf beantwoorden, maar het zou fijn zijn als je daar hulp bij krijgt. Nu worden mensen daarin te veel op zichzelf teruggeworpen, vindt ook Coolen. Hij stelt dat je hiervoor niet naar een psychiater of psycholoog zou hoeven, want je bent niet ziek. (Je zou dan bovendien een diagnose moeten krijgen, die gedeeld wordt met je zorgverzekeraar.) Je hebt alleen tijdelijk een gesprekspartner nodig bij deze zoektocht.

Coolen geeft aan nog niet te weten welke instantie deze rol kan vervullen. Hij heeft blijkbaar nog geen kennis van filosofisch practici of biografisch coaches. Ik heb er daarom maar een e-mailtje aan gewijd om hem te vertellen dat we bestaan.